Onderzoek van de Universiteit van East Anglia (UEA) laat zien dat het DNA van ijsberen op Zuid-Groenland anders is dan dat van ijsberen in het noorden. Hiermee zouden de zuidelijker levende ijsberen zich aan kunnen passen aan een warmer klimaat.
In de studie zijn bloedmonsters van ijsberen in verschillende delen van Groenland geanalyseerd. Hierbij is vooral gekeken naar ‘verspringenden genen’: kleine stukjes van het genoom die beïnvloeden hoe andere genen werken.
‘DNA is het werkboek binnen elke cel waarmee bepaald wordt hoe een organisme groeit en zich ontwikkelt,’ zegt hoofdonderzoeker Alice Godden. ‘Door de actieve genen van deze beren te vergelijken met lokale klimaatdata, zagen we dat stijgende temperaturen een dramatische verhoging van de activiteit van de verspringende genen veroorzaken in het DNA van de beren in Zuidoost Groenland.’ De temperaturen in het noorden van Groenland liggen lager en zijn stabieler dan in het zuidoosten.
Een interessante verandering in het DNA was de spijsvertering van vet. De beren in de warmere gebieden hadden meer plantaardige diëten dan de beren in het noorden, die vooral zeehonden eten. Het DNA van de zuidelijke beren leek zich hierop aan te passen.
Volgens Godden zijn dit belangrijke bevindingen: ‘Voor het eerst zien we dat een unieke groep ijsberen in het warmste deel van Groenland ‘verspringende genen’ gebruikt om heel snel hun DNA aan te passen, wat een wanhopig overlevingsmechanisme zou kunnen zijn tegen het smeltende zee-ijs’.
De onderzoekers willen verder kijken naar andere ijsbeerpopulaties om te bepalen of gelijksoortige veranderingen daar ook plaatsvinden.
Hoewel het onderzoek mogelijk een bijdrage kan leveren om ijsberen van de ondergang te redden, zeggen de onderzoekers dat het cruciaal is om temperatuurstijging door de verbranding van fossiele brandstoffen een halt toe te roepen. Wetenschappers verwachten dat ongeveer twee derde van de populatie in de komende 25 jaar zal uitsterven.
Godden zegt: ‘We kunnen niet zelfvoldaan zijn, dit geeft wat hoop maar dat betekent niet dat ijsberen minder risico lopen om uit te sterven. We moeten nog steeds alles doen om de uitstoot te verminderen en de opwarming te temperen.’
Bron:





