De Verenigde Staten stoppen met het Ocean Observatories Initiative (OOI), een van de meest geavanceerde oceaanobservatiesystemen ter wereld. Het netwerk werd gedurende tien jaar uitgebouwd voor een kostprijs van 368 miljoen dollar en bestaat uit meetboeien, diepzee-instrumenten en honderden kilometers onderzeese kabels.
Op vijf locaties voor de Amerikaanse kust verzamelt het continu gegevens over onder meer watertemperatuur, oceaanstromingen en de opname van CO₂ door de oceaan. De infrastructuur reikt tot drie kilometer diep en genereert elke seconde enorme hoeveelheden data die wereldwijd worden gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek.
De ontmanteling begint al deze maand, wanneer negentig diepzee-instrumenten uit het water worden gehaald. Binnen vijftien maanden zou het volledige systeem verdwijnen. Volgens de National Science Foundation gebeurt dat om middelen vrij te maken en onderzoeksinfrastructuur flexibeler te beheren. De beslissing volgt op eerdere pogingen van de regering Trump om het budget van het programma drastisch te verlagen. Hoewel het Congres die besparingen meermaals tegenhield, wordt het project nu volledig stopgezet.
Onderzoekers reageren verontrust. Het OOI levert unieke gegevens voor weersvoorspellingen, klimaatonderzoek en de monitoring van extreme natuurverschijnselen zoals stormen, tsunami’s en mogelijk zelfs aardbevingen. Vooral de metingen in de diepzee worden als onmisbaar beschouwd. Volgens Jan Mees, directeur van het Vlaams Instituut voor de Zee, bestaat er nog veel onzekerheid over de werking van de Atlantische Meridionale Overturning Circulatie (AMOC), een systeem van diepzeestromingen dat warmte naar Europa transporteert. Er zijn sterke aanwijzingen dat deze AMOC verzwakt en uiteindelijk mogelijk zelfs stilvalt. Met onvoorstelbare gevolgen voor met name het Europese klimaat. 'Maar de wetenschap is er nog niet uit. Er zijn dus méér metingen nodig, niet minder.'
Ook de geopolitieke gevolgen baren experts zorgen. Oceanograaf Filip Meysman noemt de beslissing bijzonder onverstandig: 'Dit is jezelf in de voet schieten. En niet met een pistool, maar met een bazooka.' Hij benadrukt dat de verzamelde oceaangegevens niet alleen wetenschappelijk, maar ook militair van groot belang zijn. Een sterke zeemacht heeft immers nauwkeurige kennis nodig van de oceaanomgeving.
Volgens Meysman dreigt de Verenigde Staten door deze keuze haar voorsprong te verliezen en ruimte te laten aan China. Hij trekt daarbij een historische parallel met het vijftiende-eeuwse China, dat na een periode van maritieme expansie zijn zeevaartambities opgaf. 'Precies dat zie je nu gebeuren in de Verenigde Staten: één weinig verlichte geest die het systeem in een andere richting duwt.'





