Plasticlobby overschaduwt VN-onderhandelingen over mondiaal verdrag

Plasticlobby overschaduwt VN-onderhandelingen over mondiaal verdrag

Beeld: The Guardian

In Genève vindt deze week een nieuwe onderhandelingsronde plaats over een mondiaal plasticverdrag. Maar in plaats van een doorbraak richting structurele oplossingen, vrezen waarnemers dat de gesprekken gekaapt worden door industriële belangen. Maar liefst 234 lobbyisten uit de olie-, petrochemie- en plasticsector zijn aanwezig – meer dan de totale delegaties van alle 27 EU-lidstaten samen.

Volgens het Centre for International Environmental Law (CIEL) staat daarmee de ambitie voor een betekenisvol verdrag ernstig onder druk. ‘Fossiele brandstofbedrijven zijn essentieel voor plasticproductie: meer dan 99% van de plastics komt voort uit fossiele grondstoffen’, stelt campagnevoerder Ximena Banegas. ‘Waarom zou iemand denken dat deze bedrijven nu wél in goed vertrouwen deelnemen?’, zegt zij tegen The Guardian.

De invloed van de industrie beperkt zich niet alleen tot aanwezigheid. Negentien lobbyisten maken deel uit van nationale delegaties, waaronder die van Egypte, China en Iran. Dit geeft hen directe invloed op de verdragstekst. Daarnaast organiseren bedrijven talloze nevenevenementen aan de zijlijn van de besprekingen – met directe toegang tot besluitvormers.

De onderhandelingen in Genève zijn een vervolg op de vastgelopen gesprekken in Busan, eind 2024. Sindsdien zijn de posities verder gepolariseerd. Meer dan honderd landen pleiten voor bindende afspraken over het beperken van de plasticproductie. Daartegenover staat een kleine maar invloedrijke groep - waaronder Saoedi-Arabië, Rusland en de VS - die zich verzetten tegen productielimieten en de focus willen verschuiven naar recycling.

Dat recycling en afvalbeheer belangrijk zijn, staat buiten kijf. Maar het blijven lapmiddelen in een systeem dat structureel te veel plastic produceert. Wereldwijd wordt slechts tien procent van het plastic daadwerkelijk gerecycled. Het merendeel eindigt op de stort, in de verbrandingsoven of lekt weg in het milieu, met schadelijke gevolgen voor mens en natuur.

Tegelijkertijd stijgt de productie verder. Greenpeace meldde vorige week dat zeven petrochemische bedrijven – waaronder Shell, ExxonMobil en Dow – sinds de start van het onderhandelingsproces hun productiecapaciteit hebben uitgebreid met 1,4 miljoen ton. Zonder stevige afspraken dreigt de wereld in 2060 meer dan een miljard ton plastic per jaar te produceren.

Oplossingen die uitsluitend focussen op het einde van de plasticketen zijn dweilen met de kraan open. De enige effectieve aanpak begint bij de bron: het vermijden, verminderen en herontwerpen van plasticgebruik. Dat vereist politieke moed – én een verdrag dat de productiezijde durft aan te pakken.

Als alles volgens schema verloopt, moet op 14 augustus een akkoord worden bereikt. Maar met een groeiende en goed georganiseerde lobby aan tafel, lijkt de kans op een ambitieus verdrag verder weg dan ooit.

Andere artikelen: