De uitstoot van ’s werelds 180 grootste olie-, gas- en cementproducenten speelt een substantiële rol bij zowel de frequentie als intensiteit van hittegolven. Dat blijkt uit een in Nature gepubliceerde studie van de ETH Zürich. Het onderzoek geldt als een doorbraak. Waar eerdere analyses vooral keken naar de uitstoot van landen of de mensheid in het algemeen, zoomt deze studie voor het eerst systematisch in op de grootste bedrijven. Daarmee opent de studie de weg om olie- en gasproducenten juridisch verantwoordelijk te houden voor klimaatschade.
De wetenschappers analyseerden 213 hittegolven die tussen 2000 en 2023 plaatsvonden en die als ‘grote rampen’ zijn geregistreerd in de internationale rampendatabase EM-DAT. Hun bevindingen laten een duidelijke trend zien. Hittegolven in deze periode waren gemiddeld 1,7 graden warmer door klimaatverandering. Ongeveer de helft van die toename kan worden toegeschreven aan de emissies van de zogenoemde carbon majors en de producten die zij leveren. De andere helft komt voort uit overige menselijke activiteiten, zoals ontbossing en landbouw.
Naast de intensiteit namen de wetenschappers ook de frequentie onder de loep. Uit hun berekeningen blijkt hoe snel het probleem verergert. In de periode 2000–2009 waren hittegolven gemiddeld twintig keer waarschijnlijker door klimaatverandering. In het daaropvolgende decennium liep dat al op tot tweehonderd keer. Sommige gebeurtenissen – zoals de uitzonderlijke Pacific Northwest-heat dome van 2021 – zouden zonder menselijke uitstoot vrijwel onmogelijk zijn geweest.
Het vernieuwende aan de studie is dat zij voor het eerst de bijdrage van afzonderlijke bedrijven weet te kwantificeren. Met behulp van klimaatmodellen werd berekend hoe groot de kans op een hittegolf zou zijn in een wereld mét en zonder de emissies van een specifiek bedrijf. Voor de grootste uitstoters, zoals ExxonMobil en Saudi Aramco, bleek dat hun emissies elk tientallen hittegolven mogelijk maakten die anders nooit zouden zijn opgetreden. Maar ook kleinere bedrijven in de groep van 180 droegen aantoonbaar bij: zelfs de kleinste uitstoters bleken verantwoordelijk voor meerdere hittegolven die zonder hun emissies niet zouden hebben plaatsgevonden.
Volgens de auteurs is hun analyse niet alleen wetenschappelijk relevant, maar ook juridisch. Door voor het eerst systematisch de bijdrage van afzonderlijke bedrijven te kwantificeren, ontstaat nieuw bewijsmateriaal dat kan worden ingebracht in klimaatprocedures. Daarmee wordt een vinger gelegd bij concrete verantwoordelijken in plaats van bij de mensheid in het algemeen.
Het onderzoek bevestigt zo niet alleen de rol van fossiele brandstoffen bij mondiale opwarming, maar legt ook de basis voor juridische claims. Dit type bewijs kan cruciaal blijken in de toenemende golf van klimaatprocessen tegen de grootste uitstoters.
Beeld: Photo by Patrick Hendry on Unsplash





