Advocates for the Future spant een klimaatzaak aan tegen de Rotterdamse haven, die verantwoordelijk is voor 13 procent van alle fossiele brandstoffen die in Europa worden gebruikt. De ngo eist een afbouwplan voor olie, kolen en gas, omdat de indirecte uitstoot van de haven vijftig keer zo groot is als die van Schiphol. Maikel van Wissen, directeur van de ngo, benadrukt dat de zaak niet tegen, maar vóór de haven en de toekomst is.
De haven, voor 30 procent in handen van de Nederlandse staat, heeft volgens de ngo een bijzondere verantwoordelijkheid. Ondanks eerdere verzoeken (brieven schrijven, flyeren en een gesprek met de CEO) om een afbouwplan, bleven bindende stappen uit. Wel woorden, maar geen daden.
Juristen zien deze zaak als een kruising tussen de zaken tegen de overheid en Shell. Een rechter zou het havenbedrijf kunnen verplichten tot meer klimaatactie, zoals een afbouwplan in lijn met het Parijs-akkoord. Als doorvoerhaven is het aannemelijk dat ze medeverantwoordelijk kunnen worden gesteld.
Het havenbedrijf wijst op zijn groene koploperspositie en geopolitieke spanningen, maar de ngo ziet juist nu, met de Iran-oorlog, extra urgentie. Een uitspraak kan anderhalf tot twee jaar duren. Als de rechter het havenbedrijf verplicht tot een afbouwplan, kan dit een vloedgolf aan nieuwe klimaatzaken tegen staatsdeelnemingen teweegbrengen.
Advocates for the Future, opgericht in 2024 door Van Wissen die de Zuidas de rug toekeerde, voert deze eerste grote rechtszaak zelf. De organisatie wil bedrijven en de overheid tot meer klimaatactie dwingen.





