Amy Vriend van De Correspondent interviewt Stephen Polasky, hoogleraar Economie en Ecologie aan de Universiteit van Minnesota, die stelt dat natuurbehoud pas succesvol wordt als het wordt geïntegreerd in bestaande economische modellen. Volgens hem is dat voorwaardelijk als we willen voorkomen dat de aarde wordt afgebroken.
Nu is natuur vaak waardeloos op de balans, terwijl het juist een cruciale toeleverancier is voor bedrijven en de samenleving. Tijd voor een 'business case for nature', volgens hem. Polasky beargumenteert dat ecologie en economie onlosmakelijk verbonden zijn: beide draaien om het beheer van ons ‘huis’ – de aarde. Ecosysteemdiensten, zoals bodemvasthouding, koolstofopslag en waterzuivering, hebben een directe economische waarde, maar worden zelden meegerekend. Het gevolg? De wereldeconomie groeide als een raket terwijl het natuurlijk kapitaal steeds verder instort.
Hij pleit voor een tweestappenbenadering: eerst de waarde van ecosysteemdiensten in kaart brengen, zoals via modellen als InVEST, en vervolgens deze waarden internaliseren in beleid, bijvoorbeeld door belastingen of subsidies. Polasky was betrokken bij het IPBES-rapport en de ontwikkeling van het Gross Ecosystem Product (GEP) in China, een tegenhanger van het bbp dat de opbrengsten van de natuur meet. Zijn boodschap is duidelijk: zolang vervuilen gratis is, blijft de economie de natuur vernietigen, terwijl deze juist de basis vormt voor ons bestaan.
Natuur heeft een prijs, bereken het door

Beeld: Unsplash




