Deze zomer leed Nederland miljardenschade door droogte: suikerbieten brachten 1,5 procent minder op, schepen vervoerden tot 5 procent minder. Vissen en vlinders stierven. In die periode publiceerde de Algemene Rekenkamer 'Zorgen over zoet water'. En dat rapport was duidelijk: zonder maatregelen gaat het een keer goed mis.
Minister Vincent Karremans (Infrastructuur en Waterstaat) erkent dat de droogteschade de komende jaren alleen maar toeneemt. 'We moeten gezamenlijk de schouders eronder zetten', was zijn reactie op het rapport. Toch haalde hij vorige week bijna 300 miljoen euro uit het Deltaprogramma Zoetwater — het potje dat de maatregelen tegen droogteschade moest betalen. Het geld gaat naar het onderhoud van bruggen en wegen.
Er gaat ook een streep door 172 miljoen euro voor het herstel van de waterkwaliteit in de Grevelingen, en ruim 500 miljoen euro voor natuur in en rond rivieren is geschrapt. Alles bij elkaar: ruim 1 miljard euro. De Rekenkamer was al kritisch voordat de bezuiniging bekend werd: de minister geeft 'onvoldoende sturing'.
Bijna drie kwart van de maatregelen uit de eerste fase van het Deltaprogramma Zoetwater liep vertraging op, terwijl Karremans die 'laaghangend fruit' noemde. Maatregelen waarbij het ministerie meebetaalde, of waterschappen en gemeenten steunde, liepen geen vertraging op. Precies dat houdt op met de bezuiniging: bij kleinere rivieren en beken betaalt de landelijke overheid niets meer, terwijl het Rijk vroeger 25 procent voor zijn rekening nam.
Een woordvoerder noemt het 'geen lichte besluiten', maar er moest worden gekozen omdat er meer te doen was aan infrastructuur dan waarvoor geld was. Aan de 'zoetwaterpartners' is een mail verstuurd om in gesprek te gaan over hoe het nu verder moet. 'Het is niet zo dat we ons terugtrekken.'
Deltacommissaris Co Verdaas zei vorige maand al dat er meer geïnvesteerd moet worden in aanpassingen aan klimaatverandering. 'Investeren in waterveiligheid, voldoende zoet water en een goede waterkwaliteit is geen keuze, maar een noodzaak', zegt Floor Wissing-Kunst van de Unie van Waterschappen.
Precies wat de Rekenkamer in september al concludeerde: 'De maatschappelijke kosten voor natuur, landbouw, scheepvaart en industrie stijgen door.' Dus is het wachten tot we volgende zomer tegen hetzelfde probleem aanlopen, dat steeds groter zal worden als we niks doen.





