Goed nieuws. Mensen die denken dat ze goed zijn in energie besparen, doen dat ook echt. Dat is de opvallende conclusie van een grootschalige meta-analyse door de Rijksuniversiteit Groningen, gebaseerd op ruim 430.000 respondenten uit 100 studies wereldwijd. Niet inkomen, geslacht of opleiding voorspellen energiebesparing, maar het vertrouwen in eigen kunnen.
Volgens de onderzoekers is de overtuiging ‘ik kan energie besparen’ de sterkste voorspeller van energiebesparend gedrag zoals korter douchen of de thermostaat lager zetten. Demografische kenmerken zoals woonplaats, woningtype of eigenaarschap bleken nauwelijks van invloed. Psychologische factoren, zoals persoonlijke normen, milieubewustzijn en attitude tegenover energiebesparing, spelen een veel grotere rol.
Opvallend genoeg is kennis over energiebesparing nauwelijks relevant. Het gaat dus minder om weten hoe, en meer om geloven dat.
Voor beleidsmakers ligt hier een belangrijke les. Informatiecampagnes zijn nuttig, maar overtuigingskracht is doorslaggevend. Effectieve gedragsverandering vraagt om campagnes die mensen het gevoel geven dat energiebesparing haalbaar is en dat ze zelf invloed hebben.
Bijna 70% van de geanalyseerde studies is van na 2014, omdat er steeds meer aandacht voor het onderwerp is. Tegelijkertijd zijn delen van de wereld, zoals Afrika en Latijns-Amerika, nog onderbelicht. En: het verband tussen vertrouwen en gedrag is overtuigend, maar nog niet bewezen causaal. Daarvoor zijn vervolgexperimenten nodig.
Bron: Scientas





