Al dertig jaar pleit Jeroom Remmers voor een hogere prijs op vlees en zuivel. Als directeur van de Tapp Coalitie, de True Animal Protein Price Coalition, zet hij zich in voor wat hij een ‘eerlijke prijs’ noemt. Geen vleestaks, maar een heffing die de maatschappelijke kosten van vleesproductie weerspiegelt: schade aan klimaat, natuur, waterkwaliteit en volksgezondheid.
Volgens Remmers is het vreemd dat vlees en zuivel onder het lage btw-tarief vallen, terwijl ze aantoonbaar bijdragen aan broeikasgasuitstoot, stikstofproblematiek en chronische ziekten. Hij wijst op berekeningen waaruit blijkt dat een eerlijke prijs neerkomt op ongeveer 2 euro per kilo kip, 4 euro voor varkensvlees en 5 euro voor rundvlees. Als eerste stap pleit hij voor een verhoging van minimaal 10 cent per 100 gram, minstens één euro per kilo.
De opbrengst, geschat op zo’n 600 miljoen euro per jaar, moet volgens hem terugvloeien naar boeren die investeren in verduurzaming: natuurbeheer, hoger waterpeil, minder uitstoot en beter dierenwelzijn. Daarmee betaalt de consument indirect de milieumaatregelen op het boerenerf, in plaats van dat boeren die kosten alleen dragen.
In het nieuwe coalitieakkoord staat voor het eerst een suikertaks genoemd. Remmers ziet dat als een belangrijke doorbraak in het denken over het beprijzen van ongezonde en milieubelastende producten. Een heffing op rood en bewerkt vlees zou volgens RIVM-berekeningen zelfs nog grotere gezondheidswinst opleveren dan een suikerbelasting.
Tegelijk erkent hij dat het onderwerp politiek gevoelig ligt. Eerdere voorstellen strandden onder druk van boerenbelangen. Toch groeit volgens hem het draagvlak: onderzoek laat zien dat 63 procent van de Nederlanders bereid is iets meer te betalen voor vlees als de opbrengst wordt ingezet voor boeren en duurzaamheid.
Remmers benadrukt dat consumenten keuzevrijheid behouden. Wie de hogere prijs niet wil betalen, kan kiezen voor minder vlees of voor plantaardige alternatieven. Supermarkten hebben zichzelf tot doel gesteld om in 2030 voor 60 procent plantaardige eiwitten te verkopen. Een eerlijke prijs voor dierlijke producten kan die omslag versnellen.
Op langere termijn ziet Remmers ook een rol voor het Europese emissiehandelssysteem (ETS), waarin de landbouwsector wordt opgenomen. Daarmee zouden zuivel- en vleesbedrijven verplicht worden hun uitstoot te verlagen of emissierechten bij te kopen.
Voor Remmers draait het debat niet om betutteling, maar om realisme: wie de echte kosten van vlees zichtbaar maakt, creëert ruimte voor een eerlijker landbouwsysteem en een gezondere samenleving.
Bron: Trouw





